Pelgrimage in Nederland

icoon heiligen van de lage landen
Ikoon van de heiligen van der lage landen

Teks volgt

Cross XLI, by Adam Stanislav

Heilige Bonifatius

‘Weldoener’ of ‘Hij die het goede doet’ is de Nederlandse betekenis van Bonifatius (672 – 754), de Angelsaksische missionaris die in geen enkel boek over de vaderlandse geschiedenis ontbreekt. Hij werd immers – officiële lezing – door de toen nog heidense Friezen vermoord en dat is mooi uitgebeeld op van die oude gekleurde schoolplaten die bij geschiedenislessen werden gebruikt, toen de basisschool nog lagere school heette.


Bonifatius draagt zijn strijdnaam overigens niet omdat hij al zo’n uitzonderlijk goed mens zou zijn geweest. Het was paus Gregorius II (715-731) die Winfried of Wynfreth, zoals hij eigenlijk heette, diens Latijnse naam gaf. En waarom Bonifatius? Gewoon, omdat de paus hem op 15 mei van het jaar 719 de zending onder de heidense Germanen opdroeg en de kerk op 14 mei ene Bonifatius herdacht die in het jaar 300 de martelaarsdood zou zijn gestorven.
icoon heilige bonifatius

                Ikoon van de Heilige Bonifatius

Hoewel hij behoort tot de grote namen uit de Nederlandse geschiedenis, is hij vooral werkzaam geweest in de Duitse deelstaten Thüringen en Hessen, die toen aan de oostelijke rand van het Frankische Rijk lagen. Daar vooral heeft hij het geloof verkondigd en de kerk gesticht. Dat hij daarbij niet altijd fijngevoelig te werk ging, blijkt wel uit de anekdote dat hij de Donarseik bij Fritzlar liet omhakken, die plaatselijke Germaanse stammen vereerden om aan te tonen, dat de Germaanse goden niet veel voorstelden.
 
Dat wil overigens niet zeggen dat hij in geen enkel opzicht rekening hield met de cultuur en denkwijze van de Germanen. Indien nodig paste hij de christelijke praktijk aan de omstandigheden aan. Zo was het in de rooms-katholieke kerk van die dagen de gewoonte om volwassenen pas te dopen als ze grondig op de doop waren voorbereid. Dit paste echter niet bij de denkwijze van de Germanen en Bonifatius draaide de procedure om. Hij gebruikte de doop bij wijze van initiatierite en begon daarna pas met het christelijk onderricht. Het doel heiligde dus de middelen.
 
Bonifatius’ verdienste voor de kerk ligt niet zozeer op theologisch als wel op organisatorisch vlak. In tegenstelling tot zijn Ierse vakbroeders, die veel waarde hechtten aan spiritualiteit en het voorleven van het geloof om heidenen voor het christendom te winnen, vond de Angelsaks Bonifatius dat het prille geloof van de Germanen een goed doortimmerde kerkelijke organisatie nodig had. Hij heeft die organisatie op poten gezet én nauw met Rome verbonden.
Juist bij het opbouwen van die kerkelijke organisatie heeft Bonifatius zich in het politieke spel van die dagen moeten, en misschien ook wel willen, mengen. Zo zag hij er geen been in hem onwelgevallige kerkelijke concurrenten op synodes ook letterlijk te verketteren. Ook rekruteerde hij medewerkers bij voorkeur in zijn Angelsaksische vaderland en probeerde die op hoge posten te krijgen. Dit werd hem weer niet door Frankische kerkelijke en wereldlijke machthebbers in dank afgenomen. Met name de Frankische adel bemoeide zich graag met plaatselijke, kerkelijke besognes en probeerde zo zijn macht uit te breiden. Door ervoor te zorgen, dat bij bisschopbenoemingen alleen Rome het voor het zeggen kreeg, werd de invloed van de Franken kleiner en die van de paus in Rome groter.
 

In dit ijveren om de macht van de kerk van Rome te vergroten, past waarschijnlijk ook zijn laatste missioneringstocht naar Friesland. Hij wilde in dit gebied in elk geval de Frankische invloed tegengaan. Toen hij op pad ging naar die afgelegen streek, was hij al hoogbejaard. Hij moet dus nog straf van lijf en leden zijn geweest, anders had hij zo’n tocht niet kunnen volbrengen. In een uithoek van het te kerstenen gebied sneuvelde hij uiteindelijk in het harnas. Zoals we allemaal weten, is hij bij Dokkum vermoord. De geschiedenis heeft de Friezen deze moord in de schoenen geschoven. Er zijn echter historici die daaraan twijfelen. Een lezing wil dat Bonifatius vermoord is door als Friezen verklede huurmoordenaars, in opdracht van de bisschop van Keulen. Het zou dus ook kunnen dat hij het loodje heeft gelegd in een machtsstrijd tussen twee kerkelijke facties: de richting die de macht van Rome voorop stelde, en de richting die een sterke plaatselijke kerk voorstond.

Bron: https://orthodoxeinformatiebron.wordpress.com/2015/02/03/heiligenleven-de-heilige-bonifatius/

Adres: Bonifatiuspark, Bronlaan 12, 9101 VS Dokkum

Cross XLI, by Adam Stanislav

Heilige Odulfus

Odulphus was van (lagere) Frankische adel, hij werd volgens een levensbeschrijving geboren uijt eene edele stamme onder de Franken. De oudste bronnen (10e – 11e eeuw) suggereren dat Odulphus werd geboren in het huidige Noord-Frankrijk, dat destijds grensde aan het gebied van de Friezen, wat zich uitstrekte tot in het huidige België. Geschriften uit de 15e eeuw plaatsen zijn geboorte echter in de Noord-Brabantse Kempen en wel in Oirschot; naar verluidt op de plek waar thans het Boterkerkje staat, dan wel ergens op het grondgebied van de (oude) gemeente Oirschot, waar het huidige Best deel van heeft uitgemaakt. Na zijn priesterschap in de Oirschotse parochie (dat viel onder de bisschop van Luik) vertrok Odulphus naar Utrecht om daar te leven als kanunnik of Augustijner koorheer in de kloostergemeenschap van het bisdom Utrecht. Bisschop Frederik van Utrecht zond Odulphus, die naam had gemaakt als overtuigend prediker, vervolgens uit naar Friesland waar hij het werk van de missionarissen Willibrord, Bonifatius en Liudger zou voort zetten. In Stavoren stichtte Odulphus een kanunnikenkapittel waaruit later een Benedictijner klooster voortkwam dat naar hem werd vernoemd (Sint-Odulphusabdij) en dat tot in de 15e eeuw bestaan heeft. Volgens zijn hagiografie trad Odulphus in Friesland succesvol op tegen ketterijen, dat wil zeggen; afwijkende christelijke sectes. Hierbij kan gedacht worden aan de Arianen en/of de Sabellianen. Zijn laatste jaren sleet Odulphus te Utrecht, waar hij in het jaar 854 een doorslaggevende stem had in de keuze van een nieuwe bisschop. Deze werd in die tijd niet benoemd door de Paus, maar door de hogere geestelijkheid van het bisdom. Odulphus overleed in de ambtsperiode van deze bisschop, Hungerus.

Profetieën en wonderen
Volgens de overlevering deed Odulfus een aantal profetieën die wonderbaarlijk uitkwamen. Dit versterkte de verering voor zijn persoon.

Hieronder citaten uit het oudst bekende Odulfus-manuscript, afkomstig uit het klooster van Saint-Bertin, nabij Sint-Omaars in Frankrijk. Het is veelvuldig gekopieerd in de loop der eeuwen.

* Over een steenklomp van niet geringe afmeting die voor de deur van zijn huis lag voorspelde Odulfus: “Weet dat hij zonder menselijke krachtsinspanning naar de rivier die de Fle heet zal wentelen en daar onder de golven zal verdwijnen zolang als jullie de bescherming van de goddelijke vrede missen. Wanneer jullie echter zien dat hij zonder menselijke trekkracht tegen de rand van deze kust omhoog komt, dan geloof maar zonder twijfel dat mijn lichaam, al is het na de dood van het vlees, dit gebied weer zal bezoeken en voor jullie de herwonnen vrede ondersteunen.” De steen belandde uiteindelijk in de kerk tot bewijs voor de gelovigen.

* Odulfus voorspelde een vroege dood van de provoost van de kerk in Utrecht, Craft genaamd, nadat die brutaal de eer van het bisschopsambt weigerde daar hij reeds genoeg aardse rijkdommen in bezit had.

* Odulfus voorzag dat de Friezen hun (her)nieuwde geloof weer zouden verzaken. “Ik weet immers, zei hij, dat jullie dit zullen doen, waarom ik voorspel dat heidenen over jullie heen zullen komen, die dit land gaan verwoesten en jullie en wat van jullie is mee in gevangenschap zullen nemen.” Die invallen zijn er gekomen, want de Vikingen waren in die tijd zeer actief langs de Friese kusten, van Groningen tot in Noord-Frankrijk. In 961 werd Stavoren geplunderd door de Denen.

* Toen eens Odulfus zijn cel in brand stond, met daarin al zijn huisraad inclusief zijn stok, bad hij dat het vuur niet zou uitbreiden naar de verblijven van zijn vrome medebroeders. Zijn gebed werd verhoord en toen het vuur uit was werd de stok volledig onbeschadigd teruggevonden. Diezelfde stok plaatsten zijn medebroeders later op Odulfus’ graf.

* Bij Odulfus’ heengaan “verspreidde zich daar zo’n lucht van wonderlijke geur, dat allen die daar aanwezig waren, met een onschatbare zoetheid vervuld werden, zodanig dat zij hierdoor duidelijk merkten dat engelenhemelbewoners de uittredende ziel hadden opgenomen.”

*Later gebeurden er “in Traiectum (Utrecht), maar ook in Stauron (Stavoren) door tussenkomst van zijn verdiensten talloze wonderen.”

Bron: Wikipedia